Psalms

The Psalter is Israel’s hymnbook: lament, praise, thanksgiving, royal psalms, and wisdom. It trains the heart to speak to God in trouble and in joy, and it points ahead to the Messiah.

Author: David and others
Date: c. 1400–400 BC
Theme: Prayers and songs for every season of the life of faith.
Key verses: Psalm 23; Psalm 51; Psalm 119:105
Dutch 1917

Psalms 65

1Een psalm van David, een lied, voor den opperzangmeester. (65:2) De lofzang is in stilheid tot U, o God! in Sion; en U zal de gelofte betaald worden. 2(65:3) Gij hoort het gebed; tot U zal alle vlees komen. 3(65:4) Ongerechtige dingen hadden de overhand over mij; maar onze overtredingen, die verzoent Gij. 4(65:5) Welgelukzalig is hij, dien Gij verkiest, en doet naderen, dat hij wone in Uw voorhoven; wij zullen verzadigd worden met het goed van Uw huis, met het heilige van Uw paleis. 5(65:6) Vreselijke dingen zult Gij ons in gerechtigheid antwoorden, o God onzes heils! o Vertrouwen aller einden der aarde, en der verre gelegenen aan de zee! 6(65:7) Die de bergen vastzet door Zijn kracht, omgord zijnde met macht. 7(65:8) Die het bruisen der zeeen stilt, het bruisen harer golven, en het rumoer der volken. 8(65:9) En die op de einden wonen, vrezen voor Uw tekenen; Gij doet de uitgangen des morgens en des avonds juichen. 9(65:10) Gij bezoekt het land, en hebbende het begerig gemaakt, verrijkt Gij het grotelijks; de rivier Gods is vol waters; wanneer Gij het alzo bereid hebt, maakt Gij hunlieder koren gereed. 10(65:11) Gij maakt zijn opgeploegde aarde dronken; Gij doet ze dalen in zijn voren; Gij maakt het week door de druppelen; Gij zegent zijn uitspruitsel. 11(65:12) Gij kroont het jaar Uwer goedheid; en Uw voetstappen druipen van vettigheid. 12(65:13) Zij bedruipen de weiden der woestijn; en de heuvelen zijn aangegord met verheuging. 13(65:14) De velden zijn bekleed met kudden, en de dalen zijn bedekt met koren; zij juichen, ook zingen zij.

De Heilige Schrift 1917. Public domain or openly licensed historic text.